Op avontuur

9 augustus 2020 1 Door Ties Wijntjes
Leestijd: 4 minuten

Als mijn wekker om half negen gaat sta ik gelijk op, in plaats van vijf keer te snoozen. Ik lag door werk laat in bed maar ben desalniettemin klaarwakker, want vandaag is een dag waar ik erg veel zin in heb. Deze zomer ga ik twee weken door de Alpen bikepacken, en vandaag is de dag dat ik mijn volledige bepakking ga testen.

Nadat ik me heb aangekleed zet ik een espresso en maak ik een flinke bak pap. Terwijl ik de pap als een bezetene naar binnen werk lees ik de krant vlug door, om zo snel mogelijk aan de slag te gaan met de grote puzzel: hoe ga ik al mijn spullen inpakken? Ik verzamel de nodige (fiets)kleding, kookgerei, tent, matje, slaapzak, toiletartikelen, schoenen en allerhande andere benodigdheden. Ik leg het voor de lol allemaal eerst naast elkaar op mijn bed om te kijken hoeveel het daadwerkelijk is. Als ik het allemaal net naast elkaar op mijn bed heb weten te proppen moet ik even slikken. Opeens realiseer ik me dat de spullen die ik zo dadelijk in drie tassen ga proppen twee leven lang mijn leven zijn. Een seconde later moet ik keihard lachen: dit wordt een prachtig avontuur.

Het inpakken gaat niet al te lastig, ik had het merendeel in mijn hoofd al gepland. Het eerste obstakel was het feit dat pannetje niet in mijn frametas pastte, wat flink in mijn gedachten geprent zat. Na wat passen en meten lukt het gewoon om alles in te pakken en besluit ik de tassen op mijn fiets te monteren. Daar is obstakel twee: waar kan ik mijn tentje bevestigen? Ik probeer hem tussen mijn de twee stuurtassen te klemmen, en met een extra bandje blijkt dat prima te werken. Na anderhalf uur puzzelen, passen en meten is het gelukt: mijn fiets is afgeladen en klaar voor vertrek. Ik kleed me om en tik nog een espresso achterover alvorens ik op de fiets stap, naar Ittervoort.

Nog voor ik Amersfoort uitfiets overvalt me een machtig gevoel van autonomie. Alles wat ik nodig heb om mezelf te onderhouden heb ik in een kleine tien kilo bepakking bij me. Zo lang ik een camping en supermarkt tegenkom ben ik van niemand afhankelijk, wat een heerlijk gevoel. Zodra ik de stad uitfiets lijkt het alsof ik vlieg. Ik voel me lekker, de snelheid komt makkelijk en mijn moraal is ontzettend hoog. Ik fantaseer stiekem al over de alpen, maar probeer me eerst te focussen op de huidige rit.

De volgeladen fiets in het Sint Anthonisbos

De eerste uren voeren me over bekende wegen, en gebruik ik om de bepakking goed te testen. Zowel de zadel- als stuurtas heb ik al meermaals gebruikt, maar met de frametas en het tentje bevestigd aan mijn stuur heb ik nog niet gefietst. Ik merk dat ik mijn positie en bewegingen op de fiets al heel snel aanpas op het extra gewicht van mijn fiets. De buikspieren moeten iets harder werken om in balans te blijven, maar het gaat eigenlijk vrij makkelijk. Sterker nog, het is meer wennen om na de rit weer zonder bepakking te fietsen.

Na ongeveer twee uur draai ik zuidwaarts en besluit ik in Herveld-Noord te stoppen. Op het dorpsplein drink ik een cola en eet ik een snickers, maar ik besluit snel weer door te gaan aangezien ik achter loop op schema. Een uur later heb ik wat gravel in de route opgenomen, maar als ik er opdraai blijkt het meer een bospad achter brug langs te zijn. Ik besluit toch door te fietsen om te zien hoe de bepakking het houdt. Vooraf maakte ik me een beetje zorgen of de bepakking op mijn stuur niet tegen mijn band zou schuren, maar dat gebeurt niet: ook deze test slaagt met vlag en wimpel.

Uiteraard duurt het topgevoel niet eeuwig dus na ruim vier uur beginnen mijn benen een beetje te protesteren en krijg ik door de hitte last van mijn zitvlak. Ik heb echter om 17:15 met mijn zus afgesproken dus in een poging niet al te laat aan te komen blijf ik doorfietsen. Toch besluit ik in het Brabantse Sint Anthonisbos te stoppen, de paars-groene heide met dennenbossen in de achtergrond lijkt me het perfecte decors om een foto te maken van mijn bepakte fiets. De eerste stok die ik onder mijn pedaal steek om mijn fiets overeind te houden is raak, dus ik kan zo weer op pad.

Met een kleine tien minuten vertraging kom ik aan in Ittervoort, na een kleine rondleiding door de nieuwe werkplek van mijn zus stappen we samen op de fiets naar huis, in Stevensweert. Bij aankomst staat er eten voor me klaar, een luxe die ik tijdens mijn tocht door de Alpen waarschijnlijk niet zal hebben. ’s Avonds zet ik mijn tentje op, en later drinken we een glas wijn. Moe maar heel tevreden kruip ik rond elf uur mijn slaapzak in met de conclusie dat ik klaar ben om twee weken door de alpen te trekken. De benen zullen morgen ongetwijfeld behoorlijk zwaar zijn, maar desalniettemin kijk ik reikhalzend uit naar mijn avontuur door de alpen.